Rijksbegroting 2023 in licht van koopkracht en grote toekomstopgaven | Nieuwsbericht | Rijksoverheid.nl

2022-09-23 17:38:37 By : Ms. Smile Wang

Het kabinet trekt in de Rijksbegroting voor volgend jaar veel geld uit voor de ondersteuning van koopkrachtproblemen én het investeert in het Nederland van de toekomst.

De stijgende prijzen nemen een grote hap uit de koopkracht. Steeds meer mensen komen hierdoor knel te zitten. Structureel herstel van de koopkracht moet in de eerste plaats komen door een stijging van de lonen. Daarnaast neemt het kabinet ook forse maatregelen om mensen met lage en middeninkomens te ondersteunen. Niet alleen volgend jaar, maar ook de jaren daarna. 

In totaal is hiervoor in 2023 € 17,2 miljard beschikbaar, waarvan € 5 miljard structureel. De maatregelen worden voor een deel bekostigd doordat het kabinet stappen zet om de belasting op arbeid en vermogen meer met elkaar in balans te brengen.

Nederland staat voor grote opgaven voor de toekomst. Deze gaan vooral over onze brede welvaart, die meer omvat dan materiële zaken en economische groei. Deze opgaven vergen nú investeringen, anders worden de problemen alleen maar groter en de oplossingen steeds duurder. 

Daarom reserveert het kabinet de komende jaren forse bedragen voor onderwijs en gelijke kansen (€ 2,8 miljard), wonen en infrastructuur (€ 7,5 miljard), de toekomst van het landelijk gebied (€ 24 miljard), klimaatverandering (€ 35 miljard) en defensie (€ 5 miljard). Mede vanwege de oorlog in Oekraïne, die niet alleen onze koopkracht, maar ook onze Europese grenzen en waarden bedreigt.

De omvangrijke investeringen leiden tot een tijdelijke verslechtering van het tekort op de begroting, dat uitkomt op 3% van het bruto binnenlands product (bbp). De stijgende rente op de staatsschuld leidt tot komend jaar tot extra druk op de begroting.

De staatsschuld blijft volgend jaar naar verwachting relatief gunstig, met 49,5% van het bbp. Dit komt mede door de hoge inflatie. Hierdoor stijgt het bbp en wordt de schuld in verhouding dus lager.

Op de middellange en lange termijn blijven er uitdagingen voor de overheidsfinanciën. Het is mogelijk dat staatschuld in 2030 boven de 60% zal uitkomen. Op de langere termijn is het risico dat rekeningen worden doorgeschoven naar toekomstige generaties. Het kabinet zet daarom in op een stabiele schuldontwikkeling. Solide overheidsfinanciën zijn essentieel voor nu en in de toekomst.